Waarom valincidenten grote gevolgen hebben voor ouderen

In mijn dagelijkse werk kwam ik het steeds vaker tegen. Oudere mensen die lelijk terecht kwamen na een val. Vaak gewoon binnenshuis, terwijl ze iets in een keukenkastje wilden zetten of de trap af gingen. Helaas voor deze mensen wel met alle gevolgen van dien. Ik zag dat de blauwe plekken en kneuzingen, nog het minst ingrijpend waren.

De psychosociale gevolgen zijn vaak groter:

  • Angst en onzekerheid over het eigen kunnen
  • Grote moeite om terug te komen op het oude activiteitenniveau

Iedereen die op (para)medisch vlak met oudere mensen werkt, weet welk sneeuwbaleffect dit heeft. Misschien had de cliënt al evenwichtsproblemen en staat hij nu helemaal onzeker. Of het valincident heeft ervoor gezorgd dat hij ineens erg beperkt is in het staan en lopen. Simpele dingen als koffie zetten en groenten snijden worden een probleem. Boodschappen doen hoeft dan ook niet meer. De cliënt verliest zijn zelfstandigheid steeds meer, raakt geïsoleerd….en het cirkeltje is rond.

Maar was het nou vooral een gevoel dat ik had door de cliënten die ik tegenkwam? Dat het aantal valincidenten toeneemt? Ik ging op onderzoek uit en kon mijn ‘onderbuikgevoel’ al snel ondersteunen met cijfers.

Wat blijkt? Van alle ongevallen (met letsel) bij ouderen zijn valincidenten de meest voorkomende. De ernst van de problemen rond vallen bij ouderen blijkt uit het grote aantal ziekenhuisopnamen, Spoedeisende Hulp (SEH) bezoeken en de hoge directe medische kosten. Het aantal valincidenten in en om huis stijgt en is de laatste 10 jaar sneller gestegen dan het totaal aantal valincidenten. Uit cijfers van 2016 blijkt zelfs dat 82% van alle valincidenten in de thuissituatie plaatsvinden. Het gaat dan om maar liefst 96.200 valincidenten. 

In concrete taal: iedere 5 minuten komt een oudere op de SEH-afdeling terecht na een valincident.*

Op de gevolgen van deze valincidenten ging ik aan het begin van deze blog al in. 52% van de oudere mensen die werden opgenomen na een val had letsel aan heup, been of voet. De genoemde psychosociale gevolgen, zoals angst om weer te vallen, zou wel eens voor een veel groter gedeelte kunnen gelden. En de prognose tot 2030 voorspelt weinig goeds: het aantal ziekenhuisopnamen (na SEH-bezoek) bij deze groep mensen stijgt met 50% tot 56.000 en het aantal Spoedeisende Hulpbezoeken stijgt met 46% tot 141.000.

Hoe kunnen we hier als zorgprofessionals nu iets aan doen? Oudere mensen wonen steeds langer thuis en steun vanuit de omgeving ontbreekt nog wel eens. Betekent dit dat we het maar moeten accepteren, ‘tafeltje dekje’ laten regelen en het thuiszitten zo in de hand werken? Ik vond een paar jaar geleden al van niet en besloot me sterk te maken voor deze groep mensen. De kwaliteit van leven verbeteren en de zelfstandigheid zo lang mogelijk behouden, dat werd mijn drijfveer. In 2017 was de innovatieve stahulp STANDA een feit. Ontwikkeld vanuit de praktijk, speciaal voor die mensen die niet lang kunnen staan, bijvoorbeeld doordat ze gevallen zijn. Het biedt ze houvast en geeft een veilig gevoel. De STANDA zorgt voor stabiliteit en helpt dus ook valincidenten bij deze doelgroep te voorkomen. Dit maakt het de moeite waard om uw cliënten de STANDA te laten proberen.

Bent u zorgprofessional en net als ik gedreven om cliënten écht verder te helpen? Probeer dan nu de STANDA 60 dagen gratis en vrijblijvend uit in uw praktijk. Laat cliënten het zelf ervaren en deel uw feedback met mij, dat is altijd welkom.

Nieuwsgierig? Vraag de STANDA nu gratis aan. Natuurlijk kunt u ook contact met me opnemen voor meer informatie.

> Vraag STANDA aan

> Persoonlijk contact

> Terug naar het blogoverzicht

*Bron: ‘Vallen 65 jaar en ouder’, Ongevalscijfers Rapport. Auteur Coby Draisma, uitgegeven door VeiligheidNL oktober 2016.